Vertaaltechnieken: transformatie

Er zijn verschillende redenen om als vertaler wijzigingen aan te brengen in een tekst. Zo kan een tekst in een andere taal niet lekker lopen, of komt de betekenis niet helemaal meer overeen met het origineel. Eén van de technieken die vertalers gebruiken om dit te herstellen is transformatie. Hieronder lees je wat het is en hoe het toegepast wordt. 

Lees ook: Vertaaltechnieken: lokalisatie

Letterlijk en vrij vertalen

Te beginnen met de basis: in het vertaalvak bestaat er een tweedeling tussen letterlijk vertalen en vrij vertalen. Bij het letterlijk vertalen staat de brontekst centraal, die met exact dezelfde betekenis overgebracht moet worden naar de doeltaal. Bij het vrij vertalen staat de doeltaal centraal, waar de brontekst naar aangepast moet worden om dezelfde betekenis te krijgen.

Tegenwoordig kun je het verschil zien door een vertaalmachine (zoals Google Translate) te vergelijken met het werk van een vertaler. Vaak merk je dat de vertaalmachine de tekst woord voor woord letterlijk vertaalt, waardoor een tekst ontstaat die vrij onleesbaar is en niet natuurlijk oogt. De vertaler past de tekst daarentegen aan zodat het klopt in de doeltaal.

Kortom, bij een letterlijke vertaling kun je direct zien dat het een vertaling is, omdat de tekst niet natuurlijk klinkt in de doeltaal. Bij een vrije vertaling ziet de tekst er zo goed uit in de doeltaal, dat je niet ziet dat het oorspronkelijk een andere taal is geweest.  

Transformatie

Transformatie is een techniek binnen het vrije vertalen, die gebruikt wordt als de vertaler tegen constructies aan loopt die niet mogelijk zijn in de doeltaal. Bepaalde woorden en grammaticale constructies worden niet op dezelfde manier gebruikt in de twee talen, en dus moet de vertaler op zoek naar een alternatief. Het belangrijkste bij deze aanpassing is dat de boodschap van de tekst behouden blijft in de nieuwe versie.

Waar lokalisatie bestaat uit het aanpassen van de tekst op de cultuur, gaat transformatie puur om de talige aanpassingen. Hieronder een aantal voorbeelden.

Uitdrukkingen die niet bestaan in de doeltaal

Uitdrukkingen zijn vaak cultuurgebonden en bestaan dus niet altijd in twee talen. Waar Louis van Gaal er nog wel mee weg komt als hij ‘het is again the same song’ zegt, wil je dit in een serieuze vertaling niet terugzien. De passende transformatie voor ‘het is steeds hetzelfde liedje’ zou zijn: ‘it’s the same old story’. De betekenis blijft daarmee behouden, hoewel het ‘liedje’ wordt vervangen door het ‘verhaal’. Hetzelfde geldt voor ‘een blauw oog’, dat wordt vertaald met ‘a black eye’. Blauw wordt zwart, maar we weten allemaal dat de eigenaar een klap heeft gehad. 


Woorden die wel bestaan, maar iets anders betekenen

Veel Nederlandse woorden zijn afkomstig uit het Engels, of lijken dat te zijn. Dit kan echter problemen opleveren bij het vertalen. Zo is een ‘beamer’ in het Nederlands een apparaat waarmee je een beeld op een groot oppervlak kan projecteren. In het Engels is een ‘beamer’ een hoge bal van iemand die cricket speelt. De juiste vertaling van ‘beamer’ is dus niet ‘beamer’, maar ‘projector’. 

Woorden die anders gebruikt worden

Denk je net een goede vertaling van een woord te pakken te hebben, wordt het woord in de doeltaal heel anders gebruikt. Zo wordt ‘let’s go’ in het Nederlands niet ‘laten we gaan’, want zo zeggen mensen dat niet. De vertaler moet hier een nieuwe constructie voor bedenken, die past bij de context. Voorbeelden zijn ‘kom mee’ en ‘aan de slag!’.

Grammaticale constructies

Talen hebben vaak een vaste zinsopbouw of woordvolgorde. In het Nederlands is het bijvoorbeeld gebruikelijk om de tijd vóór de plaats te zetten, terwijl dit in het Engels andersom is. Bij het vertalen is het dus noodzakelijk om deze volgorde om te draaien: ‘Ik was vanmorgen op kantoor’ wordt ‘I was at the office this morning‘. 

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *